Toiletten met deksel + instructie voor patiënten (cytostatica)

Het toilet vormt een potentiële bron van besmetting bij patiënten die cytostatica-kuur volgen. In de periode na toediening van de cytostatica kunnen uitwerpselen (ontlasting, urine, zweet) hoge doses cytostatica bevatten. De concentratie is het hoogste in de eerste uren na de toediening en neemt af met de tijd. De wijze waarop en de snelheid waarmee het lichaam de cytostatica uitscheidt verschilt per cytostaticum. Over het algemeen zijn na zeven dagen de cytostatica uit het lichaam verdwenen.

 

·         Laat de patiënt zelf naar het toilet gaan.

·         Geef de patiënt (ook heren) het advies om te gaan zitten.

·         Het toilet dient twee keer door gespoeld te worden met een afgesloten deksel.

·         Laat de patiënt daarna de handen wassen.

·         Laat bezoekers gebruik maken van een openbaar toilet en niet van het patiëntentoilet.

Type risico:
Gevaarlijke stoffen
Kenmerken:
Cytostatica
Niveau maatregel:
Organisatorische maatregelen
Randvoorwaarden:

·         Het toilet dient voorzien te zijn van een deksel.

·         Aan de buitenzijde van het toilet dient duidelijk aangegeven te worden (sticker) dat het toilet in de risicoperiode is gebruikt en dus besmet kan zijn met cytostatica. Het cytostatica-schoonmaakprotocol dient gevolgd te worden.

·         Het toilet dient te worden schoongemaakt door medewerkers die daar aantoonbaar voor zijn opgeleid en de juiste hulpmiddelen hebben.

·         Het schoonmaakprotocol dient bij de schoonmaakmedewerker aanwezig te zijn.

·         Het toilet dient dagelijks gereinigd te worden volgens de schoonmaakprocedure

Bron(nen):